Main content

Ziekenhuizen zetten grote stappen in gegevensuitwisseling

Nieuws

Als eerste gingen ziekenhuizen en overige instellingen voor medisch-specialistische zorg aan de slag met het VIPP-programma in 2017. Inmiddels zijn VIPP-programma’s wijdverbreid in de zorg en staat VIPP voor beweging, implementatie en resultaat. De betrokkenheid van instellingen voor medisch-specialistische zorg was groot, vrijwel allemaal hebben ze aan het programma deelgenomen. Een overgrote meerderheid heeft de doelstellingen behaald.

Uit de eindrapportage komt naar voren dat het VIPP-programma een groot succes is. 94% van de ziekenhuizen heeft de modules gehaald waarvoor ze zich hebben ingeschreven, evenals 83% van de overige instellingen van medisch-specialistische zorg. “Dit is een doorbraak in het transparant en toegankelijk maken van essentiële medische informatie”, zegt Ad Melkert, voorzitter van de NVZ. “In relatief korte tijd hebben de ziekenhuizen grote stappen gezet op weg naar digitale gegevensuitwisseling. Patiënten kunnen nu digitaal bij hun medische gegevens en hebben hier in 2019 maar liefst 4 miljoen keer gebruik van gemaakt.”

Juiste zorg op de juiste plek

Bovendien, zo stelt de NVZ-voorzitter, is het behalen van de VIPP-doelen “cruciaal voor het realiseren van juiste zorg op de juiste plek”. “De coronacrisis heeft nog eens onderstreept hoe belangrijk het is dat patiënten wanneer nodig kunnen worden overgebracht naar andere ziekenhuizen en behandeld op basis van volledige gegevens. De praktijk leert dat dat zonder digitale uitwisseling van medische gegevens een stuk ingewikkelder is en ook gevolgen kan hebben voor de zorgkwaliteit.”

Impact voor patiënt en professional

VIPP staat voor Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Patiënt en Professional. Aan het programma hebben in totaal 97 instellingen deelgenomen: 64 algemene ziekenhuizen en 33 overige instellingen voor medisch-specialistische zorg. Een belangrijke prestatie na ruim 3 jaar VIPP is het wijdverbreide gebruik van de Basisgegevensset Zorg (BgZ); 94% van de instellingen heeft deze landelijke standaard geïmplementeerd, die de basis is voor een goede overdracht tussen ziekenhuizen.

Medische gegevens digitaal aanbieden

Ook kunnen alle deelnemende ziekenhuizen medische gegevens digitaal aanbieden aan de patiënt. De patiënt kan uiterlijk binnen 7 werkdagen zijn medische gegevens inzien, downloaden en uploaden naar zijn persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) bij 94% van de ziekenhuizen. Bij 95% van de ziekenhuizen kunnen patiënt en zorgverlener een actueel overzicht van de medicatie van de patiënt raadplegen. Daarnaast kan 87% van de ziekenhuizen de patiënt een digitaal actueel overzicht van medicatie recepten aanbieden.

Correspondentie overal digitaal beschikbaar

Maar liefst 100% van de ziekenhuizen stelt correspondentie over de patiënt, specialistenbrieven en ontslagbrieven, digitaal beschikbaar. Ook kunnen alle ziekenhuizen gegevens over het type implantaat dat de patiënt heeft, digitaal aanbieden. Bovendien hebben koplopers onder de ziekenhuizen extra stappen gezet. Meer dan de helft van de ziekenhuizen bieden e-health-metingen in het patiëntenportaal aan. 

VIPP 5

De volgende stap die instellingen gaan zetten in het kader van VIPP 5, zoals de opvolger van VIPP 1 en 2 heet, betreft het aansluiten van PGO’s en de uitwisseling van de BgZ tussen instellingen. Een afsprakenstelsel en de eerste gecertificeerde PGO’s zijn al een feit. De komende 3 jaar komt het aan op standaardisatie, toegang en hergebruik van informatie. Zodat de patiënt de juiste zorg op de juiste plek ontvangt, zo dicht mogelijk bij huis en zo digitaal als mogelijk.

Lees meer op de VIPP-site. Bekijk de eindrapportage met de resultaten van ruim 3 jaar VIPP 1 en 2.