Main content

Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuizen (KiPZ)

Met de subsidieregeling Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg (KiPZ) investeren algemene ziekenhuizen en categorale instellingen in het strategisch opleiden van hun personeel. Dat gebeurt onder meer door het opstellen en uitvoeren van een strategisch opleidingsplan.

De KiPZ-regeling 

De toenemende complexiteit van patiëntenzorg vraagt om een intensieve en continue investering in de kwaliteit van medewerkers. De KiPZ-regeling draagt hieraan bij.

Met de subsidie betalen instellingen: 
•    in- en externe opleidingen;  
•    begeleiding; 
•    verletkosten; 
•    het in stand houden van opleidingsfaciliteiten.

Om voor de subsidie in aanmerking te komen, dienen instellingen een actueel strategisch opleidingsplan (SOP) in. Ook het opleidingsjaarplan, inclusief begroting, de instemming van de ondernemingsraad en jaarrekening zijn onderdeel van de aanvraag. Jaarlijks moeten instellingen verantwoording afleggen over de besteding van het geld. 

De NVZ ondersteunt leden met informatie en advies over de aanvraag en verantwoording van de subsidie.

KiPZ 2020-2022: de regio’s versterken

De KiPZ-regeling is tot en met 2022 beschikbaar. De NVZ blijft lidinstellingen deze periode ondersteunen bij de ontwikkeling en borging van hun strategisch opleidingsbeleid. De komende jaren ligt de focus op het delen van kennis en leren van elkaar in de regio. In 2020 organiseert de NVZ samen met ziekenhuizen en categorale instellingen regionale bijeenkomsten over strategisch opleiden en het meetbaar maken van de effecten ervan. 

Een ander speerpunt de komende jaren is de koppeling tussen opleiden en strategisch HR-beleid. In het kader van het arbeidsmarktprogramma ZMT! is de ZMT!-scan ontwikkeld. De scan brengt in kaart hoe het strategisch HR- en opleidingsbeleid in de organisatie is ingebed. Doel is om instellingen te helpen bij het realiseren van personeels- en opleidingsbeleid dat aansluit bij de ontwikkeling van de zorgvraag.  

Daarnaast ondersteunt de NVZ haar leden bij het doorontwikkelen van de inhoudelijke thema’s, waaronder:
•    Gedifferentieerde inzet van verpleegkundigen. Veel instellingen zijn al gestart of gaan ermee aan de slag. De NVZ ondersteunt door middel van het verspreiden van kennis en best practices. Ook ontwikkelde de NVZ de FD Tool en de serious game FD Team Play voor instellingen die met functiedifferentiatie gaan starten of al gestart zijn.
•    E-health en digitalisering. Technologische ontwikkelingen hebben invloed op werken en leren in de zorg. Het B-learningplatform, een initiatief van ziekenhuizen, organiseert een aantal keer per jaar interactieve bijeenkomsten over innovaties in leren en opleiden. Ook vindt in het najaar van 2020 het grote B-learningcongres plaats. 

Voor meer informatie, nieuwe ontwikkelingen en best practices kunnen leden terecht op ons digitale platform Kennisnet

Veelgestelde vragen - algemeen

Wat is het doel van de KiPZ-regeling?

De zorg voor patiënten in ziekenhuizen, categorale instellingen en revalidatieklinieken wordt complexer. Patiënten worden ouder en hebben vaak meerdere aandoeningen tegelijk. Daarbij blijven ze steeds korter in het ziekenhuis. Mensen die nog wél in het ziekenhuis verblijven, hebben dus relatief complexere zorg nodig dan voorheen. Ook nemen de technologische mogelijkheden toe en werken ziekenhuizen intensiever samen met externe zorgverleners. Dit alles vraagt om een constante investering in de kwaliteit van medewerkers, onder meer in de vorm van opleidingen. Met de subsidieregeling Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg (KiPZ) geven algemene ziekenhuizen en categorale instellingen een extra impuls aan de kwalificaties van zittende medewerkers. 

Ga voor meer informatie over de KiPZ-regeling en ondersteunende documentatie naar het Subsidieportaal van het ministerie van VWS.

Wanneer komt een instelling in aanmerking voor de KiPZ-subsidie?

Een instelling kan de subsidie aanvragen als zij medisch specialistische zorg verleent of een audiologisch centrum is, en daarvoor in het kader van de WTZi toegelaten is. Instellingen die enkel geneeskundige geestelijke gezondheidszorg leveren komen niet in aanmerking voor subsidie.

Daarnaast wordt de KiPZ-subsidie niet toegekend voor leeractiviteiten waarvoor een instelling al financiering ontvangt. Oftewel; het stapelen van subsidies is met de KiPZ-regeling niet mogelijk.

Hoe worden de KiPZ-gelden over de instellingen verdeeld?

In de KiPZ-regeling staat onder artikel 8 een formule voor de verdeling van het subsidiebedrag. Deze systematiek gaat in werking als alle ziekenhuizen en categorale instellingen samen meer subsidie aanvragen dan beschikbaar is. De hoogte van het subsidiebedrag wordt dan per organisatie op basis van de Zvw-omzet bepaald.
 

Blijft de KiPZ-subsidie de komende jaren beschikbaar?

Het ministerie van VWS heeft de intentie de subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Personeel Ziekenhuiszorg (KiPZ) tot en met 2022 beschikbaar te houden. De beschikbaarheid van de KiPZ-middelen in de periode 2019-2022 staat ook als afspraak in het huidige Hoofdlijnenakkoord medisch-specialistisch zorg.
 

Bestuurlijk hoofdlijnenakkoord

Veelgestelde vragen - subsidieaanvraag

Hoe vraag ik de KiPZ-subsidie aan?

Vraag de subsidie aan via het Subsidieportaal van DUS-I. Vermeld bij alle correspondentie het genoemde subsidiezaaknummer, relatienummer en verplichtingennummer van de eigen organisatie.
Stuur met de aanvraag de volgende documenten mee:
1.    Een actueel strategisch opleidingsplan (SOP);
2.    Een jaarplan met bijbehorende begroting;
3.    Een verklaring van de werknemersvertegenwoordiging waaruit blijkt dat deze met de documenten, genoemd onder 1 en 2, heeft ingestemd;
4.    Een jaarrekening van het tweede jaar voorafgaand van het subsidiejaar (inclusief accountantsverklaring).

Je kunt van 18 september 2020 tot 1 november 2020 via het subsidieportaal een KiPZ-subsidieaanvraag indienen voor opleidingen in 2021.

Wat houdt een actueel strategisch opleidingsplan (SOP) in?

Instellingen hoeven voor de aanvraag niet per se een nieuw strategisch opleidingsplan (SOP) te ontwikkelen. Het SOP kan eerder opgesteld zijn, maar het moet wel een meerjarenplan zijn en het jaar van aanvraag omvatten. Ook kan het een addendum op het bestaande SOP zijn.

Jaarplan en begroting

Wat houdt het jaarplan met bijbehorende begroting in?
Het jaarplan omvat alleen de opleidingsactiviteiten waarvoor de KiPZ-subsidie wordt aangevraagd. De opleidingen die via andere (externe) bronnen of uit eigen middelen worden gefinancierd, hoeven niet in het jaarplan en de bijbehorende begroting te staan.
 

In hoeverre is het opleidingsjaarplan bindend?

Het is misschien nog niet helemaal uitgekristalliseerd welke leeractiviteiten de instelling gaat uitvoeren. Toch vraagt het ministerie van VWS om een opleidingsjaarplan waarin dat is beschreven. De daadwerkelijke opleidingsactiviteiten mogen afwijken van het opleidingsjaarplan, mits hierover uitleg wordt gegeven in de verantwoording achteraf. Op deze manier blijft de benodigde flexibiliteit om in te spelen op ontwikkelingen gewaarborgd. De NVZ adviseert dan ook om de KiPZ-subsidieaanvraag in te dienen op het niveau van de strategische opleidingsthema’s en niet op het niveau van de leerinterventies en scholingstrajecten.
 

Wanneer moeten instellingen wijzigingen in de begroting ten opzichte van de realisatie melden bij VWS?

Dit verloopt volgens artikel 11 van de KiPZ-regeling. Als de wijziging onder de 15% is (van het totale toegekende subsidiebedrag), dan moet de wijziging in de verantwoording nadrukkelijk naar voren komen en worden onderbouwd in een activiteiten- en financieel verslag (bijv. verduidelijking van externe ontwikkelingen). Indien de wijziging een grote post is, dus boven de 15%, dan dienen instellingen deze (voor de zekerheid) te melden bij VWS.
 

Wat is jullie advies over opleidingstrajecten die langer lopen dan 1 jaar?

Vermeld in de subsidieaanvraag het deel van de opleidingstrajecten dat betrekking heeft op het jaar van aanvraag. Wat betreft de financiële zekerheid bij langdurigere trajecten: bedenk dat de KiPZ-regeling in de huidige vorm in elk geval doorloopt tot en met 2022.

Wat is het verschil tussen het operationeel opleidingsplan (scholingsplan), zoals verplicht als bepaling 3.2.18 binnen de Cao Ziekenhuizen, en het opleidingsjaarplan waarvan sprake is in de KiPZ-regeling?

Het operationeel opleidingsplan omvat alle scholingsactiviteiten, dus ook de regulier gefinancierde. Het opleidingsjaarplan waarvan sprake is in de KiPZ-regeling gaat alleen over de scholingsactiviteiten die uit de KiPZ-gelden gefinancierd worden.

Wat is de rol van de OR bij de aanvraag?

In de Wet op de ondernemingsraden (artikel 27, lid 1.f) staat: "De ondernemer behoeft de instemming van de ondernemingsraad voor elk door hem voorgenomen besluit tot vaststelling, wijziging of intrekking van een regeling op het gebied van de personeelsopleiding."

De ondernemingsraad (OR) of een andere ingestelde personeelsvertegenwoordiging moet instemmen met het SOP, het opleidingsjaarplan en de bijbehorende begroting. Bij afwezigheid van een OR of andere personeelsvertegenwoordiging moet een personeelsvergadering worden belegd. De leden van de personeelsvergadering moeten instemmen met de inhoud van het SOP, de vertaling ervan in één of meerdere opleidingsprojecten en de bijbehorende begroting(en). 

Alleen wanneer instemming op het jaarplan en de bijbehorende begroting wegens zwaar moverende redenen niet mogelijk is, kan worden volstaan met een jaarplan dat alleen met de personeelsvertegenwoordiging is afgestemd. Met “zwaar moverende redenen” wordt gedoeld op bijzondere omstandigheden, zoals wanneer een OR bijvoorbeeld om cao-politieke redenen het overleg met de bestuurder heeft gestaakt. Gebrek aan tijd voor overleg met de OR is geen valide reden. 
 

Hoe verloopt het proces van instemming door de OR?

In de Wet op de ondernemingsraden (artikel 27, lid 2) staat: "De ondernemer legt het te nemen besluit* schriftelijk aan de ondernemingsraad voor. Hij verstrekt daarbij een overzicht van de beweegredenen voor het besluit, alsmede van de gevolgen die het besluit naar te verwachten valt voor de in de onderneming werkzame personen zal hebben. De ondernemingsraad beslist niet dan nadat over de betrokken aangelegenheid ten minste eenmaal overleg is gepleegd in een overlegvergadering**. Na het overleg deelt de ondernemingsraad zo spoedig mogelijk schriftelijk en met redenen omkleed zijn beslissing aan de ondernemer mee. Na de beslissing van de ondernemingsraad deelt de ondernemer zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de ondernemingsraad mee welk besluit hij heeft genomen en met ingang van welke datum hij dat besluit zal uitvoeren."

* Inzake de Kwaliteitsimpuls betreft het een voorgenomen besluit tot vaststelling strategisch opleidingsplan (SOP), opleidingsjaarplan en bijbehorende begroting. 
** artikel 23, lid 1: Als hoofdregel geldt, dat de ondernemer en de ondernemingsraad verplicht zijn om met elkaar in een overlegvergadering bijeen te komen binnen twee weken nadat een van hen beiden daarom onder opgave van redenen heeft verzocht. Er is dus sprake van een wederkerige overlegverplichting.
 

Hoe verkrijg ik instemming van de OR?

In de Wet op de ondernemingsraden (artikel 27, lid 2) staat: "De ondernemer legt het te nemen besluit* schriftelijk aan de ondernemingsraad voor. Hij verstrekt daarbij een overzicht van de beweegredenen voor het besluit, alsmede van de gevolgen die het besluit naar te verwachten valt voor de in de onderneming werkzame personen zal hebben. De ondernemingsraad beslist niet dan nadat over de betrokken aangelegenheid ten minste eenmaal overleg is gepleegd in een overlegvergadering**. Na het overleg deelt de ondernemingsraad zo spoedig mogelijk schriftelijk en met redenen omkleed zijn beslissing aan de ondernemer mee. Na de beslissing van de ondernemingsraad deelt de ondernemer zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de ondernemingsraad mee welk besluit hij heeft genomen en met ingang van welke datum hij dat besluit zal uitvoeren."

* Inzake de Kwaliteitsimpuls betreft het een voorgenomen besluit tot vaststelling strategisch opleidingsplan (SOP), opleidingsjaarplan en bijbehorende begroting. 
** artikel 23, lid 1: Als hoofdregel geldt, dat de ondernemer en de ondernemingsraad verplicht zijn om met elkaar in een overlegvergadering bijeen te komen binnen twee weken nadat een van hen beiden daarom onder opgave van redenen heeft verzocht. Er is dus sprake van een wederkerige overlegverplichting.  

Wat is er mogelijk als de OR niet instemt?

In de Wet op de ondernemingsraden (artikel 27, lid 4) staat: "Heeft de ondernemer voor het voorgenomen besluit geen instemming van de ondernemingsraad verkregen, dan kan hij de kantonrechter toestemming vragen om het besluit te nemen. De kantonrechter geeft slechts toestemming, indien de beslissing van de ondernemingsraad om geen instemming te geven onredelijk is, of het voorgenomen besluit van de ondernemer gevergd wordt door zwaarwegende bedrijfsorganisatorische, bedrijfseconomische of bedrijfssociale redenen."
 

Wat kan de OR doen als het besluit is genomen zonder zijn instemming?

In de Wet op de ondernemingsraden (artikel 27, lid 5) staat: "Een besluit als bedoeld in het eerste lid, genomen zonder de instemming van de ondernemingsraad of de toestemming van de kantonrechter, is nietig, indien de ondernemingsraad tegenover de ondernemer schriftelijk een beroep op de nietigheid heeft gedaan. De ondernemingsraad kan slechts een beroep op de nietigheid doen binnen een maand nadat hetzij de ondernemer hem zijn besluit overeenkomstig de laatste volzin van het tweede lid heeft meegedeeld, hetzij - bij gebreke van deze mededeling - de ondernemingsraad is gebleken dat de ondernemer uitvoering of toepassing geeft aan zijn besluit."

Wat betekent het voor het SOP als een fusie op handen is?

De NVZ adviseert om met de fusiepartner om tafel te gaan om de strategische opleidingsplannen op elkaar af te stemmen. Tot het moment van de juridische fusie moeten er 2 plannen ingediend worden, daarna 1. 
 

Hoe zit het met de KiPZ-subsidie bij een fusie?

Tot het moment waarop beide organisaties zijn opgegaan in één rechtspersoon, dien je de subsidieaanvragen voor beide organisaties separaat in bij VWS. Het ministerie wikkelt de aanvragen los van elkaar af en baseert zich daarbij op de Zvw-omzet van elke organisatie afzonderlijk in het jaar t-2. Mocht de juridische fusie plaatsvinden tijdens de beoordelingstermijn van de subsidieaanvragen, dan zal VWS de aanvragen alsnog separaat afwikkelen. Bij een juridische fusie gaan de bestaande ondernemingen over in een nieuwe rechtspersoon. Alle rechten en plichten in het kader van de subsidieregeling KiPZ gaan dan ook over naar de nieuwe organisatie. 

Veelgestelde vragen - verantwoording

Hoe moet ik de besteding van de KiPZ-middelen verantwoorden?

Dit schema laat zien hoe de KiPZ-verantwoording moet worden afgelegd.

n

Wanneer moet ik de verantwoordingsdocumenten indienen?

Je kunt de verantwoording over het subsidiejaar 2019 vanaf 3 februari 2020 en vóór 3 juni 2020 indienen via het subsidieportaal van DUS-I

Wat is de rol van de OR bij de verantwoording van de KiPZ?

Volgens de Wet op de ondernemingsraden (WOR) moet de werkgever de ondernemingsraad (OR) informeren over de uitvoering van een besluit waarvoor de OR instemming heeft verleend. Aangezien het strategisch opleidingsplan (SOP) onder de instemmingsplicht valt volgens het WOR-artikel 27.1.f, moet de OR volgens artikel 31B.2 in de WOR over de uitvoering ervan geïnformeerd worden. De werknemersvertegenwoordiging moet ook met het activiteitenverslag instemmen.
 

Hoe moet ik de brutoloonsom weergeven in het jaarverslag? Is dit inclusief of exclusief sociale lasten en pensioenpremies?

De brutoloonsom is inclusief sociale lasten en pensioenpremies.

In het jaarverslag KiPZ wordt gevraagd naar het reguliere opleidingsbudget als percentage van de loonsom. Wat doet de NVZ met deze informatie?

De NVZ verzamelt deze gegevens om te kunnen beoordelen of de regeling daadwerkelijk extra financiële middelen oplevert voor de branche. Het ministerie van VWS wil met het beschikbaar stellen van deze financiële middelen ziekenhuizen ondersteunen bij de opgave om aan de zorgvraag te voldoen. Het is dan ook van belang om als branche zichtbaar te maken dat met deze middelen extra inspanningen worden verricht om dit te realiseren.

Waarover moet ik verantwoording afleggen?

De verantwoording van de KiPZ-gelden gaat over het toegekende subsidiebedrag in relatie tot de werkelijke kosten en opbrengsten. In de praktijk kan het voorkomen dat een hogere KiPZ-aanvraag is ingediend dan is toegekend. Dit kan gevolgen hebben voor de uitvoering van het jaarplan. Maak in de verantwoording kenbaar welke prioriteiten zijn gesteld ten opzichte van het jaarplan.

Voor de monitoring van de subsidieregeling is alleen de besteding van de KiPZ-subsidie van belang. Er hoeven geen andere subsidies verantwoord te worden in de hier gevraagde documenten, ook niet als het SOP en bijbehorend opleidingsbudget meer subsidiegelden omvat.

Op welke FWG-schaal moeten de tarieven in de verantwoording gebaseerd zijn?

Hou voor de vaststelling van 2019 het tarief van 2019 aan. Dit betekent dat de KiPZ op basis van FWG-schaal 40 moet worden verantwoord.

Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg (KiPZ)

Wil je meer informatie over Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg (KiPZ)? Word dan lid van de werkgroep op Kennisnet. Leden van NVZ kunnen lidmaatschap aanvragen van Kennisnet voor gedetailleerde inhoudelijke informatie over onder andere dit onderwerp.

Meer over arbeidsmarkt